Fantasieën en seksuele verbeelding: hoe je ze verkent zonder schuldgevoel

Iedereen heeft ze. Echt iedereen. Fantasieën, beelden, kleine scenario’s die soms zomaar opduiken. In de douche. In de trein. Of gewoon ’s avonds in bed, wanneer het stil wordt. En toch doen we vaak alsof ze er niet zijn. Alsof fantasmes iets gênants zijn. Terwijl ze eigenlijk gewoon menselijk zijn, punt.

Wat ik zelf opvallend vind : we praten tegenwoordig over alles, van voeding tot mentale gezondheid, maar zodra het over verbeelding en seksualiteit gaat, komt die rare schaamte weer om de hoek kijken. Terwijl je brein simpelweg speelt. Dat is alles. Over hoe fantasieën werken, en waarom ze zo normaal zijn, vind je trouwens ook nuchtere uitleg op https://infosanteprevention.net – dat haalde voor mij al wat druk van de ketel.

Wat zijn seksuele fantasieën eigenlijk ?

Heel simpel gezegd : het zijn gedachten of beelden die opwinding kunnen oproepen. Soms vaag, soms verrassend concreet. Een plek, een sfeer, een rol. Het hoeft niet eens om een persoon te gaan. Voor de één is het een herinnering aan een zomeravond, warm asfalt, een open raam. Voor een ander is het puur het idee van controle loslaten. Of juist nemen.

Belangrijk detail, en dit vergeten veel mensen : een fantasie is geen plan. Het zegt niets over wat je moet willen doen in het echte leven. Ik vind dat een enorme opluchting, eerlijk gezegd. Je hoofd mag dingen verkennen zonder dat je daar consequenties aan vastplakt.

Waarom voelen we ons daar dan schuldig over ?

Goede vraag. En als ik eerlijk ben, denk ik dat het vooral aangeleerd is. Op school leer je weinig over verlangen. In veel gezinnen werd er helemaal niet over gesproken. En wat je niet benoemt, voelt al snel fout.

Daar komt nog bij dat sommige fantasieën niet passen in het brave plaatje dat we van onszelf hebben. Dat kan schuren. En ja, dat kan ongemakkelijk zijn. Maar ongemak betekent niet dat er iets mis is. Misschien juist dat je iets aan het ontdekken bent.

Fantasieën verkennen, zonder jezelf te veroordelen

Je hoeft nergens naartoe. Geen checklist, geen doel. Begin klein. Merk op wat er in je hoofd gebeurt, zonder meteen te analyseren. Ik merk zelf dat zodra ik stop met labelen (“dit is raar”, “dit mag niet”), er rust komt. Gek hè?

Een paar tips die echt kunnen helpen :

  • Zie het als informatie, niet als een oordeel over wie je bent.
  • Schrijf eens iets op, gewoon voor jezelf. Dat haalt het uit je hoofd.
  • Praat erover, als dat veilig voelt. Met een partner, of iemand die je vertrouwt.
  • Leg de lat laag. Je hoeft niks te “doen” met een fantasie.

En binnen een relatie dan ?

Dit is vaak waar het spannend wordt. Deel je alles ? Nee, niet per se. Maar delen kan verbinden. Soms ontdek je dat de ander ook twijfels heeft, of eigen fantasieën waar hij of zij nooit iets mee durfde.

Een tip uit ervaring : maak het luchtig. Geen groot gesprek aan de keukentafel met een strak gezicht. Maar gewoon, op een ontspannen moment. “Zeg, mag ik je iets geks vragen ?” Dat werkt vaak beter dan je denkt.

Wanneer is het wél een probleem ?

Goede nuance. Fantasieën zijn normaal, maar als ze je dagelijks functioneren blokkeren, of gepaard gaan met echte angst of dwang, dan is het slim om er met een professional over te praten. Niet omdat je fout bent. Maar omdat je het niet alleen hoeft te dragen.

Tot slot : wat als je jezelf gewoon wat meer ruimte gaf ?

Misschien is dat wel de kern. Minder streng zijn. Je verbeelding zien als een speeltuin, niet als een rechtbank. Je hoeft niets te bewijzen, niets te verklaren.

Dus, even eerlijk : wat zou er veranderen als je die innerlijke criticus een stapje terug laat doen ? Misschien niet alles. Maar misschien net genoeg.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Terug naar boven